PERSBERICHT – Waarom onze Oost-Congopetitie wel relevant en verantwoord is
PERSBERICHT
Waarom onze Oost-Congopetitie wel relevant en verantwoord is
Brussel – 28 oktober 2009 – De situatie in Oost-Congo is ronduit dramatisch. De militaire operatie Kimya II is uitgedraaid op een humanitaire ramp. Daarom hebben de organisaties Broederlijk Delen, Pax Christi Vlaanderen en Oxfam in de media opgeroepen om de militaire operatie in haar huidige vorm onmiddellijk stop te zetten. Er kwam een heel debat op gang, zowel in de media als in de politiek. Dat is positief. Want door een waaier aan meningen en analyses te horen, kunnen onze beleidsmakers goede beslissingen nemen. We stellen echter vast dat ons standpunt niet altijd juist begrepen werd. Daarom willen we dit standpunt verder toelichten en enkele preciseringen aanbrengen.
Allereerst willen we eraan herinneren dat onze organisaties zich niet hebben uitgesproken tegen het opdrijven van militaire druk op het FDLR. We hebben er wel steeds voor geijverd dat de kost voor de burgerbevolking daarbij tot het minimum beperkt wordt. Daarom pleiten we er sinds het begin van de operaties voor dat de VN-macht Monuc een sterkere, beschermende rol speelt binnen de operaties. Volgens haar mandaat moet deze eerst en vooral de burgerbevolking beschermen. Maar Monuc heeft het moeilijk om deze kerntaak te vervullen, want ze besteedt een groot deel van haar beperkte middelen aan de ondersteuning van een offensief dat tot oorlogsmisdaden leidt. Dat geven VN-mensenrechtenexperts zelf toe. Daarom roepen we Monuc op om dringend van strategie te veranderen en zich weer te concentreren op haar kerntaak. We zijn dus voorstander van méér Monuc, en niet van minder Monuc zoals afgelopen week enkele malen verkeerdelijk werd gesuggereerd.
Volgens sommigen zal Kimya II sowieso een succes worden en leiden tot de verzwakking van het FDLR. We moeten gewoon genoeg geduld hebben, zo luidt het. Maar we weten vandaag al wat de humanitaire tol van deze militaire operatie is. En niets wijst erop dat dit zal veranderen. Integendeel. We krijgen steeds meer signalen dat er in de toekomst misbruiken en slachtingen van beide kanten aan het licht zullen komen. Sommigen stellen dat dit nu eenmaal de zware humanitaire tol is voor het potentieel succes van deze operatie. Maar het bestaan van dit ‘potentieel succes’ is hoogst twijfelachtig. Het is dus niet ‘misplaatst’ wanneer organisaties die op het terrein werken aan de alarmbel trekken en zeggen het grondig oneens te zijn met dit soort militaire aanpak.
We verzetten ons niet tegen de idee om een vorm van militaire druk op de harde kern van het FDLR te behouden. Die blijft noodzakelijk. Maar dit moet gebeuren door een Congolees leger dat gedisciplineerd is en zijn taak om de burgers te beschermen ernstig neemt. Dat is een werk van lange adem en is onmogelijk te bereiken binnen de tijdspanne van Kimya II. Hiervoor moeten de inspanningen rond integratie van ex-rebellen, het regelmatig betalen van soldij en het nultolerantiebeleid inzake mensenrechtenschendingen en seksueel misbruik opgedreven worden. Bovendien vinden we dat een duurzame oplossing in Oost-Congo alleen mogelijk is met een strategie die méér omvat dan enkel een militair luik. Zo staat het ook in onze petitie. Kris Berwouts van EurAc, het Europees netwerk voor Centraal-Afrika, deelt deze mening: “Het is belangrijk de militaire druk hoog te houden maar als onderdeel van een bredere, politieke aanpak, en met doelgerichte acties i.p.v. een offensief zoals Kimya II.” Zo vragen we dat rebellen die willen ontwapenen meer perspectieven en mogelijkheden krijgen. Rwanda moet harde garanties geven voor de vreedzame terugkeer en herintegratie van rebellen. De inkomsten van het FDLR, die deels voortvloeien uit de illegale ertsenhandel, dienen verder drooggelegd te worden. Want hoewel de grondstoffenproblematiek niet de oorzaak is van het conflict in de regio is ze wel een realiteit die onderdeel van de oplossing moet zijn. En tenslotte moeten onze regeringen het FDLR-leiderschap dat vanuit Europa opereert, eindelijk aanpakken.
Als actoren op het terrein zien we dagelijks hoe de militaire operaties in werkelijkheid verlopen en het leed van de Congolese burgers alleen maar vergroten. Daarom vinden we het, samen met een brede waaier van internationale ngo’s, wel degelijk relevant en verantwoord om de huidige militaire operatie een halt toe te roepen.
Voor meer informatie:
Hilde Deman, Broederlijk Delen – Pax Christi Vlaanderen, 0485/52.81.03
Steven Van Damme, Oxfam Solidariteit, 0485/44.27.47
Steven Van Damme, Oxfam Solidariteit, 0485/44.27.47
Voor meer achtergrondinformatie over het conflict kan u onze recente Q&A over het conflict in Oost-Congo of de Q&A over grondstoffen en conflict raadplegen.