Actueel

|
19 december 2016

Veel jonge burgers willen eindelijk democratische leiders. Ze willen een rechtvaardig politiek systeem dat hen een waardig bestaan gunt.

 

Downloads

Congo, mijn onrechtvaardig land

Meer dan vijftig jaar na de onafhankelijkheid vinden vele Congolezen dat ze beter verdienen dan dictaturen die elkaar opvolgen, schrijft Nadia Nsayi, beleidsmedewerker Centraal-Afrika voor Broederlijk Delen en Pax Christi Vlaanderen.

Oorlog tegen dictator

In 1989 verliet ik mijn geboorteland Congo, het toenmalige Zaïre van president Joseph Mobutu. Ik was vijf. Dat jaar was een kantelmoment voor de dictator. Onder druk van westerse landen opende Mobutu de democratische ruimte voor tegenstanders. Hij gaf een aantal postjes weg aan de oppositie, maar klampte zich vast aan zijn presidentsmacht.

Vanaf oktober 1996 ging de positie van Mobutu echt wankelen. Een militaire alliantie van de buurlanden en een groep Congolese opposanten viel Congo binnen. Zij hadden amper zeven maanden nodig om zijn regime omver te werpen en een nieuwe president, Laurent-Désiré Kabila, te installeren. De alliantie verloste het Congolese volk van een dictator, maar stortte het land in een oorlog die in het oosten al twintig jaar aansleept.

Na fijne jeugdjaren in het Vlaams-Brabantse Landen ging ik in Leuven studeren. Mijn nieuwe omgeving wakkerde de interesse voor Congo aan. Interesse groeide uit tot engagement. Ik wilde de wantoestanden in Congo aankaarten en mee bestrijden. Als jonge twintiger keerde ik voor het eerst terug naar mijn geboortestad Kinshasa.

Mentaal kapot

Eén ding werd tijdens die onvergetelijke familiereis heel tastbaar: de onrechtvaardigheid. Ik zag hoe gewone Congolezen een dagelijkse overlevingsstrijd voerden in een land zonder staat. Een land zonder goede voorzieningen, zoals drinkbaar water, elektriciteit, wegen, onderwijs, gezondheidszorg. Later, als beleidsmedewerker voor Broederlijk Delen en Pax Christi Vlaanderen, bezocht ik ook het oosten van Congo, waar de oorlog mannen, vrouwen en kinderen fysiek en mentaal kapotmaakt.

In 2006 trokken miljoenen Congolese kiezers naar de stembus voor de eerste ‘democratische’ verkiezingen. De officiële winnaar was zittend president Joseph Kabila, die zijn vermoorde vader Laurent-Désiré Kabila in 2001 was opgevolgd. De Congolezen hoopten dat hun stem eindelijk sociaal welzijn en vrede zou brengen. Maar tien jaar na Kabila’s verkiezing is de balans van zijn corrupt beleid zeer negatief. 

Vreedzame machtswissel?

‘Congolezen hebben gestreden voor de onafhankelijkheid in 1960, voor het einde van de dictatuur onder Mobutu en voor verkiezingen. Nu is het onze plicht om te strijden voor een machtswissel tussen president Joseph Kabila en zijn opvolger’, vertelde een jonge activist mij eerder dit jaar.

2016 zou een historisch jaar worden voor Congo met een vreedzame en democratische machtswissel tussen twee levende presidenten. Kabila mocht zich immers volgens de Grondwet geen kandidaat stellen. Zijn tweede en laatste ambtstermijn eindigt vandaag. De politieke meerderheid stelde de verkiezingen echter uit, zodat hij langer aan de macht kan blijven.

Bloedige clash

Vorige maand was ik opnieuw in mijn geboorteland. President Kabila houdt Congo in een wurggreep. Boven op de politieke instabiliteit en de oorlog beleeft het land een zware sociaal-economische crisis. De ontevredenheid is groot. Toch blijft Kabila zich met harde repressie en geweld vastklampen aan zijn positie. Maar hoelang nog?

Volgens een recente opiniepeiling wil 74 procent van de Congolezen dat Kabila deze maand opstapt. Er wordt volop gemobiliseerd om vanaf vandaag de straat op te komen. Als Kabila weigert af te treden, dreigt een bloedige clash tussen betogers en de veiligheidstroepen.

Meer dan vijftig jaar na de onafhankelijkheid vinden Congolezen dat ze beter verdienen dan dictaturen die elkaar opvolgen. Veel jonge burgers willen eindelijk democratische leiders. Ze willen een rechtvaardig politiek systeem dat hen een waardig bestaan gunt. Wie geeft hen ongelijk?

Deze opiniebijdrage verscheen op 19 december 2016 in De Standaard.

 Lees de actualiteitsnota over Congo