|
29 juni 2017

De claim dat een nieuw verbodsverdrag onverenigbaar is met NAVO-lidmaatschap klopt simpelweg niet

Tags

#NuclearBanBlog 2: Wat is de impact van een kernwapenverbod op NAVO-lidmaatschap?

130 landen onderhandelen momenteel in New York een nieuw verbodsverdrag op kernwapens. Onder hen slechts 1 NAVO-lidstaat: Nederland. Andere NAVO-landen, inclusief België, stellen dat steun aan een verbodsverdrag onverenigbaar is met hun NAVO-lidmaatschap. Maar klopt dit wel? Pax Christi Vlaanderen-medewerker Willem Staes, die de VN-onderhandelingen in New York bijwoont, legt uit.

1. Impact op lidmaatschap en gezamenlijke operaties

Een eventuele Belgische ondertekening van het verbodsverdrag betekent niet dat België geen lid meer kan zijn van militaire allianties als de NAVO. Het Verdrag van Washington ter oprichting van de NAVO (1949) rept immers met geen woord over kernwapens. Het stichtingsverdrag is het enige juridisch bindende NAVO-document.

Het conceptverdrag bevat ook geen passages die gevolgen hebben voor de gezamenlijke militaire NAVO-operaties, zolang kernwapens geen onderdeel zijn van deze operaties. Belgische deelname aan bepaalde NAVO-oefeningen, zoals de jaarlijkse nucleaire oefening Steadfast Noon, zou wel niet langer mogelijk zijn.

2. Nog steeds betrouwbare NAVO-partner

Dit betekent niet dat België niet langer een betrouwbare NAVO-partner zou kunnen zijn. Verschillende NAVO-lidstaten hebben momenteel al een nationaal beleid dat deelname aan de nucleaire activiteiten van de NAVO beperkt. Denemarken, Noorwegen en Spanje staan in vredestijd geen kernwapens toe op hun grondgebied, terwijl IJsland en Litouwen de plaatsing van kernwapens op hun grondgebied in alle omstandigheden verbieden. IJsland, Denemarken en Noorwegen staan bovendien geen nucleaire marineschepen toe in hun havens. Dit weerhoudt deze NAVO-lidstaten er niet van om op andere manieren een bijdrage aan NAVO te leveren.

Een ondertekening van het toekomstige verbodsverdrag betekent bovendien niet dat er niet meer deelgenomen kan worden aan de NAVO Nuclear Planning Group. Integendeel: aangezien deze groep opereert als raadgevend orgaan over de nucleaire NAVO-doctrine zou het nuttig zijn als NAVO-lidstaten die kernwapens hebben verboden, blijven deelnemen aan deze discussies. Op die manier kan de nucleaire doctrine van de NAVO verder afgebouwd worden. Dit is dringend nodig: ondanks decennia-oude beloftes om het belang van kernwapens in veiligheidsdoctrines af te bouwen, werd het belang van kernwapens tijdens de NAVO-top van Warschau (2016) herbevestigd.

3. Veiligheid en NAVO

België zegt dat een NAVO-land onmogelijk voorstander kan zijn van een kernwapenverbod, omdat de NAVO zonder kernwapens minder veilig zou zijn. De NAVO heeft echter geen kernwapens nodig om een overweldigende militaire conventionele afschrikkingscapaciteit te bezitten tegenover mogelijke rivalen. Alle NAVO-lidstaten besteden samen meer dan dertien keer zoveel aan militaire uitgaven als Rusland. Europese NAVO-landen spenderen nog steeds 3,5 keer meer aan militaire middelen dan Rusland. Conventionele wapens zijn bovendien beter geschikt dan kernwapens om het NAVO-grondgebied te verdedigen.

De conclusie is dus duidelijk: de claim dat een nieuw verbodsverdrag onverenigbaar is met NAVO-lidmaatschap klopt simpelweg niet. 

Ga naar Blog 1

Ga naar blog 3